De volgende stap is niet automatisch een groter rooster. Ons project heeft al een interessante lokale tijdsverhouding en een volledige 6×6-route. De belangrijkste open vraag is hoeveel betrouwbare U=8-informatie de quantummeting na mitigatie werkelijk toevoegt.
Eerst de estimator toetsen
We kiezen vooraf welke observabelen we willen schatten en welke afwijking we acceptabel vinden. Lading, spin en doublons krijgen ieder een eigen tolerantie. Een gemiddelde over alle soorten observabelen kan anders een slechte spinschatting verbergen achter een eenvoudigere ladingcontrole.
Daarna testen we de mitigatie op instellingen waarvan we het antwoord wel kennen, maar die niet in de training zitten. Onze laatste U=0-holdouts laten zien dat dit nog werk vraagt. Als de methode zelfs daar niet goed generaliseert, is een mooie U=8-targetwaarde onvoldoende onderbouwing.
De controle zonder targethardware-input blijft daarbij belangrijk. Wanneer een schatter ongeveer hetzelfde antwoord geeft zonder de interagerende hardwaredata te gebruiken, meet dat antwoord niet overtuigend de gewenste quantumdynamica. We willen juist aantonen dat die data nuttige, controleerbare informatie toevoegen.
Twee ladders, niet één
Aan de klassieke kant verfijnen we de bond-dimensie. Aan de quantum- en circuitkant moeten we ruis, herhalingen en tijdstapfout onderscheiden. Meer chi verhelpt geen verkeerd circuit; meer shots verhelpt geen verkeerde fermionmapping; betere readout verhelpt niet iedere poortfout.
Een bruikbare opzet houdt T vast, vergelijkt meerdere tijdstappen en gebruikt steeds de juiste referentie voor het gekozen eindige circuit. Pas daarna kan de afwijking van de continue Hamiltoniaandynamica worden beoordeeld. Bij een kostenlimiet is het verstandiger één duidelijke vraag te toetsen dan veel factoren tegelijk te veranderen.
De sterkere snelheidsproef
De circa 20x-verhouding uit deze serie gebruikt geregistreerde QPU-tijd en de bestaande lokale klassieke rekenkerntijd. Voor een sterkere proef leggen we ook voorbereiding, training, kalibratie, wachttijd en analyse vast. We maken expliciet of een kalibratie eenmalig is of over meerdere berekeningen wordt hergebruikt.
De finishlijn is dan niet 'de job is klaar', maar 'de gevraagde observabelen halen de afgesproken fouttolerantie'. Daarmee kunnen we een echte time-to-acceptable-answer-vergelijking maken voor onze lokale computer. Dat is nog steeds een beperkte, haalbare doelstelling; zij vereist niet dat we iedere klassieke computer ter wereld verslaan.
Een dossier dat een ander kan controleren
De aparte Nighthawk-repository bewaart code, theorie, ruwe metingen, kalibraties, referenties, controlesommen en de resultaten van minder succesvolle routes. Grote bestanden zijn verliesvrij gecomprimeerd en hebben een herstelmanifest. De oorspronkelijke projectmap blijft bestaan.
Deze serie is daarom geen eindverklaring, maar een goed gedocumenteerd tussenresultaat. We mogen trots zijn op wat met een beperkt budget is bereikt én precies blijven over wat nog niet bewezen is. De volgende hardwarejob wordt pas ingediend na een nieuwe expliciete budgettoestemming.
Bronnen: theory/RESULTS_AND_CLAIMS.md, HARDWARE_COMPACT_TFLO_PROTOCOL.md, de holdouttabellen en de bewaarde chi32/chi64-controles in de projectrepo.


